Engelse cocker spaniel

Gewicht

12 – 16 kilo

Hoogte

38 – 43 cm

Leeftijd

12 – 15 jaar

FCI Rasgroep 8

Retrievers, spaniels en waterhonden

Gewicht

12 – 16 kilo

Schofthoogte

Hoogte

38 – 43 cm

Leeftijd

12 – 15 jaar

Karakter

De Engelse cocker spaniel is een speelse hond met een vriendelijk karakter. Het ras staat erom bekend voortdurend te kwispelen met zijn staart. Deze hond is zeer gericht op zijn baas en gaat ook graag voor hem of haar aan het werk. De Engelse cocker spaniel is zo aanhankelijk dat hij het liefst de hele dag achter je aanloopt.

De Engelse cocker spaniel vindt het fantastisch om samen activiteiten te ondernemen. Zijn leergierigheid en werklust maken van de cocker spaniel een geschikt hond om verschillende hondensporten mee te beoefenen, zoals agility en flyball. De Engelse cocker spaniel werd vroeger gefokt voor de jacht en heeft een uitstekende neus. Hondensporten als speuren en jachttraining zijn dus ook erg geschikt voor dit ras.

De cocker spaniel is goed in de omgang met kinderen en kan dus prima als gezinshond worden gehouden. Ook met andere huisdieren en andere honden gaat deze viervoeter vaak goed om. Het is bovendien een vrij makkelijke hond. Cocker spaniels maken graag een lange wandeling, maar kunnen ook uren op de bank spenderen. De meeste Engelse cocker spaniels zijn een tikkeltje eigenwijs en hebben een eigen wil. Deze hond heeft daarom baat bij een consequente, doch vriendelijke opvoeding.

Geschiedenis

De geschiedenis van de Engelse cocker spaniel gaat ver terug. Al in de tiende eeuw kwamen er honden voor met een spanielachtig uiterlijk. Toendertijd werd er nog geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende spanielrassen die vandaag de dag bestaan.

Spaniels werden vroeger ingezet als hulp bij de jacht op veerwild. Met de spaniels werd op twee verschillende manieren gejaagd. Een manier was om de hond het veerwild te laten opsporen om er vervolgens in de buurt te gaan liggen of zitten. Jagers konden zo een net over de vogels werpen om ze te vangen. Een andere manier van jagen was door de hond het veerwild uit de dichte begroeiing te laten opstoten, zodat getrainde valken de vogels konden grijpen. Eén van de vogels waar op werd gejaagd is de houtsnip. De Engelse benaming voor de houtsnip is de ‘woodcock’. Hier heeft de Engelse Cocker spaniel waarschijnlijk zijn naam aan te danken.

Het is niet helemaal duidelijk hoe spaniels precies in Engeland terecht zijn gekomen, maar in dit land werden de spanielrassen vanaf de zeventiende eeuw verder ontwikkeld. Hier zijn behoorlijk wat spanielrassen uit voortgekomen, zoals de field spaniel, de Engelse springer spaniel en dus ook de Engelse cocker spaniel. In 1893 is de cocker spaniel erkend door de Engelse Kennelclub.

Verzorging en gezondheid

De Engelse cocker spaniel heeft relatief veel vachtverzorging nodig. De vacht moet dagelijks geborsteld en gekamd worden, omdat het ras veel verhaart. Deze haren blijven in de vacht hangen, waardoor er klitten ontstaan. Daarnaast moet de hond ook nog zo’n vier keer per jaar naar de trimsalon. Hier worden alle dode haren geplukt. Houd ook de oren, ogen en het gebit goed schoon om ontstekingen te voorkomen.

Het ras kent een aantal erfelijke aandoeningen, waaronder heupdysplasie, Familiare Nefropathie (een nieraandoening) en diverse oogaandoeningen. Bij aanschaf van een pup is het belangrijk om te vragen of de ouderdieren zijn onderzocht en vrij zijn bevonden van aandoeningen die erfelijk kunnen zijn.

Beeld: Pixabay / Adobe Stock
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on email

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top