Ierse setter

Gewicht

24 – 32 kilo

Hoogte

55 – 68 cm

Leeftijd

12 – 15 jaar

FCI Rasgroep 7

Voorstaande honden

Gewicht

24 – 32 kilo

Schofthoogte

Hoogte

55 – 68 cm

Leeftijd

12 – 15 jaar

Karakter

De Ierse setter is een aanhankelijke hond met een zachtaardig karakter. Hij staat erom bekend een tikkeltje eigenwijs te zijn en heeft daarom een consequente opvoeding nodig. Deze elegante viervoeter wordt graag aangehaald en kan goed overweg met andere honden en kinderen.

Ierse setter loopt op andere hond af in park

Ierse setters zijn intelligente en actieve honden. Ze moeten dan ook zowel mentaal als fysiek uitgedaagd worden. Door zijn atletische bouw is de Ierse setter geschikt voor fysieke hondensporten, zoals agility en flyball, maar hij kan ook uitstekend speuren. Hij rent graag los van de lijn, maar komt niet altijd terug op commando. Het is dus belangrijk om dit goed te trainen.

Geschiedenis

Er wordt aangenomen dat de Ierse setter is ontstaan uit een mix van de Engelse setter, de gordon setter, spaniëls en pointers, maar dit is niet met zekerheid te zeggen. Ierse jagers fokten het ras in de achttiende eeuw voor de jacht op veerwild. De honden hielpen de jagers door het wild op te sporen. Jagers vingen het wild vervolgens met een net of met de hulp van een jachtvalk. Later werden jachtgeweren gebruikt.

Ierse setter in de zon

Het ras ontwikkelde zich verder en halverwege de negentiende eeuw werd de Ierse setter ook op tentoonstellingen gepresenteerd. Door zijn fraaie uiterlijk en zachtaardige karakter werd het ras een populaire huishond. De Ierse setter was een van de eerste hondenrassen die door de American Kennel Club werd erkend (1884).

Verzorging en gezondheid

De lange, zachte vacht van deze hond heeft relatief veel verzorging nodig. De vacht moet minimaal een keer per week geborsteld worden en ongeveer twee tot drie keer per jaar getrimd. Er zijn twee soorten Ierse setters: de rode en rood-wit gevlekte Ierse setter.

Ierse setter speelt in het water

De Ierse setter is een gezonde hond, maar het ras kent wel een aantal erfelijke aandoeningen. Heupdysplasie, epilepsie, maagkanteling en een aantal oogziektes zijn aandoeningen die bij het ras voorkomen. Ouderdieren worden vaak onderzocht op onder andere heupdysplasie. Vraag de fokker bij aanschaf van een pup daarom of de ouderdieren vrij zijn bevonden van deze aandoening.

Rasverenigingen

Beeld: Pixabay / Adobe Stock
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter
Share on whatsapp
Share on email

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top